Hoe koppel ik kenmerktypen aan een statustype?How do I link attribute types (kenmerktypen) to a status type?
De bij het zaaktype opgevoerde kenmerken kunnen bij een bepaalde status aangemerkt worden om te worden getoond of verplicht te worden ingevuld. Ook de verplichting de zaak aan een andere zaak te relateren kan hier geselecteerd worden. Hiervoor moet wel eerst via de G in de kleurenbalk Gerelateerde zaaktypen zijn geconfigureerd.
The attributes (kenmerken) entered with the case type (zaaktype) can be marked, with a certain status, to be shown or to be filled in mandatorily. The obligation to relate the case (zaak) to another zaak can also be selected here. For that, however, Gerelateerde zaaktypen first has to have been configured through the G in the colour bar.
Voor het configureren van te tonen of verplichte kenmerktypen klik je in het rechtermenu op de knop/verwijzing Wijzig te tonen kenmerktypen. Door middel van radiobuttons kun je vervolgens aangeven of een bepaald kenmerktype getoond moet worden of verplicht ingevuld moet zijn.
To configure kenmerktypen that are to be shown or mandatory, you click the button/reference Wijzig te tonen kenmerktypen in the right-hand menu. By means of radio buttons you can then indicate whether a certain kenmerktype has to be shown or has to be filled in mandatorily.
De aan de status gekoppeld kenmerken worden ook getoond in het ‘Wie Doet Wat’ blok. Tevens is het mogelijk deze kenmerken via het ‘Wie Doet Wat’ blok enkel te muteren. Hierbij geldt de voorwaarde dat de instelling ‘E-mail door behandelaar te wijzigen?’ de waarde NEE heeft.
The kenmerken linked to the status are also shown in the ‘Wie Doet Wat’ block. It is also possible to change these kenmerken only through the ‘Wie Doet Wat’ block. The condition applies here that the setting ‘E-mail door behandelaar te wijzigen?’ has the value NEE.
In het beheer van het laatste statustype is het niet mogelijk verplichte kenmerktypen op te nemen: deze configuratie gebeurt bij de resultaattypen op dezelfde manier als hierboven beschreven.
In the management of the last status type it is not possible to include mandatory kenmerktypen: this configuration happens with the result types in the same way as described above.
Door het configureren van verplichte of te tonen kenmerktypen bij statustype 1 kan bepaald worden welke kenmerken in een virtueel webformulier worden getoond of verplicht zijn. Een virtueel webformulier kan gestart worden via een bedrijf, burger, medewerker of de zaakbak. Door de kenmerken te wijzigen bij Wijzig te tonen kenmerktypen bij statustype 1 worden deze kenmerken dus (verplicht) getoond bij het starten van een zaak middels een virtueel webformulier.
By configuring mandatory kenmerktypen or kenmerktypen that are to be shown with status type 1, it can be determined which kenmerken are shown or are mandatory in a virtual web form. A virtual web form can be started through a company, a citizen, a member of staff or the zaakbak. So by changing the kenmerken at Wijzig te tonen kenmerktypen with status type 1, these kenmerken are shown (mandatorily) when a zaak is started by means of a virtual web form.